McLaren 720S Spider

Met je hoofd in de zon

De Amerikaanse politie is doorgaans niet al te dol op speeding. We doen het dan ook betrekkelijk rustig aan. Dat blijkt achteraf verstandig, want halverwege onze testroute komen we een dozijn motoragenten tegen.

We zitten in Scottsdale, Arizona, als we ons in een zaaltje van het hotel melden voor een nogal technische verhandeling over de structuur van de nieuwe McLaren 720S Spider. Eerst worden de aanwezige experts voorgesteld. McLaren’s communicatiechef Wayne Bruce (“they also call me Man Bat”) lepelt niet domweg de namen op, maar vertelt ook in welke auto’s die experts rijden.Logischerwijs zijn het niet allemaal McLarens, maar het zijn wél allemaal liefhebbersauto’s. “We kunnen ons niet allemaal een McLaren veroorloven, maar zoals je ziet zijn we allemaal petrolheads”, vertelt hij. Het is een luchtige inleiding voor een verhaal over de (technische) structuur van McLaren. Het merk maakt voor alle modellen gebruik van een koolstofvezel kern, die de basis van de auto vormt.

In het geval van de 720S is dat de Monocage II. Bij de introductie van de Coupé vertelde McLaren dat deze Monocage II weliswaar nog sterker en stijver was dan de monocoque van zijn voorganger, maar dat het lastig zou zijn er een Spider van te maken. Boven de cabine zat immers een in lengterichting geplaatste ‘ruggengraat’, die niet alleen bedoeld is om de deuren aan op te hangen, maar ook extra stijfheid geeft. Toch is er nu een Spider, die voorzien is van een aangepaste monocoque, in dit geval Monocage II-S genaamd. Daarbij is die ‘ruggengraat’ weggenomen, maar zijn wel koolstofvezel dragers geïntegreerd in de achterkant van die kuip. Die dragers zijn ook de belangrijkste ankerpunten voor het daksysteem en de veiligheidsgordels. Dat verhaal is een soort lange versie van wat er eigenlijk bedoeld wordt: de basis van de auto is zo stijf dat er zonder rigoureuze veranderingen een open versie van gemaakt kan worden. Bij nagenoeg alle andere auto’s moeten daar eerst (zware) verstevigingen voor geplaatst worden, waardoor open versies doorgaans aanzienlijk zwaarder zijn dan de gesloten auto’s waarop ze gebaseerd zijn. Bij McLaren is de gewichtstoename beperkt gebleven tot een bescheiden 49 kilogram – nog geen vier procent. Daarmee is hij lichter dan zijn voorganger (6,8 kilogram), maar vooral ook een stevige 88 kilogram lichter dan zijn dichtstbijzijnde concurrent.

Mclaren 720 S met motor
Mclaren 720 S weg rijdend
Mclaren 720 s stilstaand

Neusje van de zalm

Het dak van de 720S Spider is, zoals gebruikelijk bij open McLarens, een inklapbare hardtop, die het merk zelf RHT noemt (een afkorting van Retractable Hard Top). Dat dak heeft McLaren verbeterd ten opzichte van het vorige model; niet alleen is het lichter geworden, het is ook sneller. Het openen of sluiten ervan kost slechts elf seconden. Daarmee is het sneller dan de daken van concurrenten: er is geen supercar met een dak dat sneller opent of sluit. Dat is onder meer bereikt door het systeem elektrisch te maken in plaats van hydraulisch. Je hoeft ook niet te stoppen om het te openen, want de elektromotoren doen hun werk bij snelheden tot 50 kilometer per uur. Dat is met name te danken aan het dakpaneel, dat licht en sterk genoeg is om dat aan te kunnen. Nu zeggen natuurlijk alle fabrikanten dat hun nieuwste vinding het neusje van de zalm is en totaal onovertroffen, maar McLaren heeft voor deze dakconstructie ook drie wereldwijde patenten.

Prettig is in ieder geval dat de voorruit korter is dan bij de 650S Spider. Normaal gesproken zou je dat ‘lager’ noemen, maar in dit geval is ‘korter’ misschien een term die beter op zijn plaats is; bij het vorige model zat je eigenlijk ónder het bovenste deel van de voorruit, dat nagenoeg horizontaal lag. Bij de 720S heeft McLaren die ruit bewust iets kleiner gehouden, zodat je meer het gevoel hebt dat je in een open auto zit. Daarvoor koop je tenslotte een open auto: om met je hoofd in de zon te zitten. Ook de dakbogen dragen bij aan dat open gevoel. Die dakdragers zijn namelijk van glas, waardoor het zicht over je schouder met 12 procent verbeterd is in vergelijking met het vorige model. Bovendien is de 720S Spider te bestellen met een (met koolstofvezel omlijst) glazen dak, waardoor je zelfs met het dak dicht dat open gevoel hebt. Dankzij elektrochroomtechnologie kan het glas switchen van transparant naar getint en andersom. Als het contact is uitgeschakeld, staat het glas altijd in de getinte stand, zodat de cabine tijdens warme dagen koel blijft. Als de auto gestart wordt, keert het dak dankzij een geheugenfunctie terug naar de laatstgekozen stand. Toen eind jaren tachtig bij het Autotron in Rosmalen het Huis van de Toekomst opende, was glas dat met een druk op de knop van tint veranderde een van de revolutionaire vindingen in dat huis. Nu kun je het ‘gewoon’ bestellen voor je auto.

“Toen eind jaren tachtig bij het Autotron in Rosmalen het Huis van de Toekomst opende, was glas dat met een druk op de knop van tint veranderde een van de revolutionaire vindingen in dat huis. Nu kun je het ‘gewoon’ bestellen voor je auto.”

Cactussen

Natuurlijk zijn we niet alleen naar Arizona afgereisd om een stilstaande auto te bekijken. Het is voor het eerst dat de introductie van een nieuw model van McLaren plaatsvindt in de Verenigde Staten. Gek eigenlijk, als je bedenkt dat dit al jaren de belangrijkste markt voor het Britse merk is. Toch is dat niet de enige reden. Als je een open auto introduceert, wil je er natuurlijk ook een beetje lekker weer bij hebben, en daar staat Europa niet direct om bekend in deze tijd van het jaar. Arizona wel, al sneeuwt het er op sommige plekken als wij er zijn. Deze week vallen zelfs de heftigste sneeuwbuien in jaren. Voor de McLaren hoef je die sneeuw overigens niet te vermijden, want de 720S kan ook gewoon op winterbanden worden geleverd. Toch is het voor onze fotograaf lekker als de zon schijnt en gelukkig voor hem is het voor het overgrote deel prachtig weer als wij er tussen de cactussen rijden. Je herkent onmiddellijk waar je bent als je deze stekelige planten ziet, want de saguaro is een soort die je alleen hier vindt, in de Sonorawoestijn. De bloem van de saguaro is dan ook de state flower van de staat Arizona. We hebben de tijd om ze te bekijken, want de Amerikaanse politie is doorgaans niet al te dol op speeding. We doen het dan ook betrekkelijk rustig aan. Dat blijkt achteraf verstandig, want halverwege onze testroute komen we een dozijn motoragenten tegen. Niet eens op Harley Davidsons; zelfs de Amerikaanse politie rijdt tegenwoordig BMW.

Mclaren 720 S voorwiel
Mclaren 720 S rijdend
Mclaren 720 S dak

Minimale verschillen

Een enkeling in ons compacte groepje merkt op dat de auto een fractie minder stijf lijkt dan de Coupé of dat het zwaartepunt voelbaar hoger ligt. Eerlijk gezegd is het ons niet opgevallen, ook al omdat er geen Coupés voorhanden waren voor een rechtstreeks vergelijk, maar het roept wel de vraag op waarom McLaren er zo op hamert dat de verschillen tussen de Coupé en de Spider minimaal zijn. Het antwoord is eenvoudig: omdat de Coupé direct na zijn introductie de hemel in werd geprezen. Het Britse magazine Evo verkoos de 720S bijvoorbeeld direct tot Car of the Year, de eerste keer dat een McLaren met die titel aan de haal ging. En chauvinisme kun je de mannen van Evo niet verwijten, want doorgaans is het bij hun (toch wel prestigieuze) eCoty-verkiezing de vraag welke Porsche 911 hem dit jaar wint. ‘De 720S heeft de lat een ongelooflijk stuk hoger gelegd in een klasse die toch al vol briljante auto’s zat. Dat betekent dat de rest nog steeds heel, heel goed is’, schreef het blad destijds. Logisch dat McLaren graag benadrukt dat de Spider eigenlijk exact dezelfde auto is, maar dan met een open dak. Zelfs als je een miniem verschil zou voelen tussen de Coupé en de Spider lijken de voordelen van het open dak ruimschoots op te wegen tegen de nadelen – ook al omdat je de V8 achter je een stuk beter hoort met het dak open. En zelfs met het dak dicht kun je de motor beter horen, want je kunt het rechtopstaande achterruitje separaat van het dak openen. Wij zouden het wel weten.

Auteur: Perry Snijders